Terug naar nieuws

Wwft · 15 oktober 2026 · 7 min leestijd

Wwft voor verhuurmakelaars: wanneer geldt de € 10.000-huurgrens?

Bij verhuurbemiddeling bepaalt de maandhuur mede of de Wwft geldt. Lees wanneer cliëntenonderzoek nodig is, wie u onderzoekt en wat u vastlegt.

Kort antwoord: bemiddelt uw kantoor bij verhuur van onroerend goed? Dan is de maandhuur van € 10.000 een belangrijke grens voor de toepasselijkheid van de Wwft op die verhuurbemiddeling. Bij een maandhuur onder € 10.000 valt de bemiddeling volgens de toelichting van de Belastingdienst in beginsel buiten de Wwft-verplichtingen voor verhuurbemiddelaars. Bij een maandhuur van € 10.000 of meer moet u wél rekening houden met cliëntenonderzoek. Beoordeel de concrete opdracht en leg vast waarom u de Wwft wel of niet toepast.

Deze uitleg gaat over verhuurbemiddeling, niet over bemiddeling bij de aan- of verkoop van vastgoed. Daarvoor geldt geen vergelijkbare algemene maandhuurgrens.

Geldt de Wwft ook voor verhuurmakelaars?

Ja, maar niet bij iedere verhuuropdracht. De Wwft ziet onder meer op makelaars en bemiddelaars bij huurovereenkomsten wanneer de relevante huurgrens wordt bereikt. De Belastingdienst noemt voor huurovereenkomsten een maandhuur van € 10.000 en licht toe dat bij een lagere maandhuur geen Wwft-cliëntenonderzoek op grond van deze verhuurbemiddeling nodig is.

Voor uw kantoor is de eerste praktische stap daarom: onderscheid verkoopbemiddeling van verhuurbemiddeling en registreer bij verhuur de relevante maandhuur. Een woning die voor € 2.000 per maand wordt verhuurd, is niet hetzelfde Wwft-scenario als een commercieel object van € 15.000 per maand.

Hoe werkt de grens van € 10.000 per maand?

Onder € 10.000: beoordeel de opdracht en documenteer uw conclusie

Bij een huurprijs van bijvoorbeeld € 3.500 per maand ontstaat niet uitsluitend door die verhuurbemiddeling de Wwft-cliëntenonderzoeksplicht die voor verhuur vanaf de drempel geldt. Dat betekent niet dat uw kantoor helemaal geen normale klantcontrole, fraudepreventie, privacyverplichtingen of andere toepasselijke wettelijke verplichtingen heeft. Het betekent wel dat u die verplichtingen niet ten onrechte als een Wwft-cliëntenonderzoek moet presenteren.

Leg bij twijfel vast welke dienst u verricht, welke huurprijs geldt en waarom de Wwft-drempel wel of niet wordt bereikt.

€ 10.000 of meer: richt het cliëntenonderzoek in

Bij een huurprijs van € 10.000 per maand of meer moet de verhuurmakelaar de toepasselijke Wwft-verplichtingen beoordelen en uitvoeren. Dat gaat verder dan een identiteitsdocument verzamelen. Denk aan identificatie en verificatie, vaststelling van eventuele UBO's bij rechtspersonen, inzicht in het doel en de aard van de relatie, risicobeoordeling en passende monitoring.

De officiële uitleg over regulier cliëntenonderzoek beschrijft deze onderdelen. Welke aanvullende maatregelen nodig zijn, hangt af van het risico en de omstandigheden.

Wat als de huurprijs tijdens de zoektocht verandert?

De sectorleidraad voor makelaars bespreekt ook aanhuuropdrachten waarbij de uiteindelijke huurprijs nog niet vaststaat. Als bij de zoektocht al duidelijk is dat het waarschijnlijk om een object van € 10.000 of meer per maand gaat, moet het kantoor tijdig het cliëntenonderzoek organiseren. Blijkt pas later dat de drempel wordt bereikt, dan moet het kantoor vanaf dat moment alsnog de toepasselijke verplichtingen oppakken.

Dit volgt uit de sectorleidraad Wwft voor makelaars en taxateurs. Let op: deze leidraad dateert uit maart 2022. De Belastingdienst waarschuwt dat latere wetswijzigingen daarin niet zijn verwerkt. Controleer bij een bijzondere constructie daarom steeds de actuele wet en toezichtinformatie.

Moet u ook de wederpartij onderzoeken?

Bij Wwft-plichtige vastgoedbemiddeling is het niet voldoende om uitsluitend de opdrachtgever te onderzoeken. De makelaar moet ook aandacht besteden aan de wederpartij: de partij met wie de opdrachtgever door de bemiddeling daadwerkelijk een overeenkomst sluit.

Bij verhuur kan dat betekenen dat u zowel de verhuurder als de huurder in beeld brengt, afhankelijk van wie uw opdrachtgever is. Bij een zakelijke huurder of verhuurder onderzoekt u bovendien waar nodig de eigendoms- en zeggenschapsstructuur en de UBO's. Een KvK-uittreksel alleen rondt dit onderzoek niet af.

Lees ook onze Wwft-checklist voor makelaars en uitleg over cliëntenonderzoek.

Praktijkvoorbeeld: verhuur van een bedrijfsruimte

Fictief voorbeeld. Een makelaarskantoor krijgt opdracht om een bedrijfsruimte te verhuren voor € 12.500 per maand. De beoogde huurder is een BV met twee tussenholdings. De verhuurder is een particuliere eigenaar.

Een praktische aanpak is:

  1. Classificeer de opdracht. Het gaat om verhuurbemiddeling boven de relevante maandhuurgrens.
  2. Breng de partijen in kaart. Identificeer opdrachtgever en wederpartij en onderzoek bij de BV de relevante vertegenwoordigers en UBO's.
  3. Beoordeel het risico. Kijk naar de structuur, het gebruiksdoel van het pand en eventuele bijzonderheden in de transactie.
  4. Voer passende controles uit. Stem de diepgang af op de risicobeoordeling. Beoordeel signalen in plaats van ze alleen af te vinken.
  5. Leg de beslissing vast. Noteer welke bronnen zijn gebruikt, welke vragen zijn gesteld en waarom de opdracht wel of niet kan doorgaan.

Een complexe structuur is op zichzelf geen bewijs van witwassen. Zij kan wel aanleiding zijn om meer informatie op te vragen en de beoordeling beter te onderbouwen.

Welke fouten kunt u als verhuurmakelaar voorkomen?

De huurgrens niet controleren. Zonder de relevante maandhuur kunt u niet goed bepalen of de verhuuropdracht onder het Wwft-regime valt.

Alleen de verhuurder onderzoeken. Bij Wwft-plichtige bemiddeling is ook de wederpartij relevant.

Een screening als volledig onderzoek beschouwen. Een PEP- of sanctiecheck is een onderdeel van het proces, geen vervanging van cliëntenonderzoek en risicobeoordeling.

De afweging niet vastleggen. Ook de beslissing dat een opdracht buiten de Wwft-verhuurdrempel valt, moet binnen uw werkproces navolgbaar zijn.

Een oude leidraad zonder actualiteitscontrole toepassen. De sectorleidraad uit 2022 blijft nuttig, maar is geen vervanging voor actuele wet- en regelgeving.

Veelgestelde vragen

Geldt de € 10.000-grens ook voor verkoopmakelaars?

Nee. De genoemde grens heeft betrekking op verhuurbemiddeling. Bij bemiddeling in aan- en verkoop van onroerend goed gelden de Wwft-verplichtingen niet pas vanaf een maandhuur- of koopprijsdrempel.

Moet ik bij een huur van € 9.500 per maand toch een Wwft-dossier maken?

Niet uitsluitend op grond van de beschreven Wwft-verhuurbemiddeling wanneer de relevante maandhuur onder de grens blijft. Controleer wel of er andere diensten of omstandigheden spelen die een afzonderlijke juridische beoordeling vragen.

Wie houdt in 2026 toezicht?

Sinds 1 januari 2026 voert de Dienst Financieel-Economische Integriteit (DFEI) de taken van het voormalige Bureau Toezicht Wwft uit. Bekijk de uitleg van Rijksoverheid over DFEI.

Maak uw verhuurdossiers aantoonbaar

Voor verhuurmakelaars begint een goed proces met een eenvoudige vraag: valt deze opdracht onder de Wwft, en hoe onderbouwen wij dat? Als de Wwft van toepassing is, volgt een passend cliëntenonderzoek en een controleerbare beoordeling.

Wilt u controleren of uw kantoor de grensgevallen en het onderzoek naar opdrachtgever én wederpartij goed heeft ingericht? Plan een vrijblijvende Compliance Intake of bekijk onze live Wwft-training voor makelaars.

Deze uitleg is algemene informatie, geen individueel juridisch advies. Controleer bij complexe of grensoverschrijdende dossiers de actuele toepasselijke regels.

Uit de kennisbank